maandag 13 juni 2011
Geur-oefening met Buck
Een kleine oefening gedaan met hulp van John (dirkse/VRT).
We hebben een begin gemaakt met geur herkenning voor het dood/water zoeken. Het heeft natuurlijk nog helemaal niets met zoekwerk van doen, maar puur het bijzonder maken van een specifieke geur, voor de pup.
Soortgelijke oefeningen hebben we ook met Iskan van John gedaan. Iskan is in dit beginstadium wat rustiger en geconcentreeder dan Buck en pakt aanzienlijk makkelijker de geur op, maar het feit dat er een goed begin gemaakt is in deze puppyfase waarin ze uiteindelijk allebei reageren stemt ons tevreden.
woensdag 1 juni 2011
Vroeger begonnen we een reddingshondentraining (vlakte/bostraining) altijd met een zgn. jutoefening. Terwijl de geleider de hond vast houdt, motiveert iemand anders de (jonge)hond of pup door hem te triggeren met het enthousiast tonen van z'n beloning (buit). Vervolgens loopt die persoon naar een verstek (boom, of struikgewas) en gaat daar achter liggen en roept de hond. Geleider stuurt de hond en die krijgt vervolgens z'n beloning. In opbouwende training wordt de hond gestimuleerd om de liggende persoon uiteindelijk blaffend te verwijzen (bovenstaande is natuurlijk een zeer éénvoudige beschrijving van de training, maar in grote lijnen komt het hier op neer. Eventuele andere verwijzingsmogelijkheden laat ik in dit geval even buiten beschouwing).
Via Sam ben ik begonnen met een andere manier van de opbouw m.b.t. de training van een reddingshonden-/zoekhondenpup .(vandaar dat ik het de "Sam-methode"noem). Desmo, de huidige inzetbare reddingshond van geleider John Dirkse was de eerste pup waarbij we deze methode gebruikt hebben.
Hierbij is het belangrijkste dat ik in de periode van 8 weken tot ongeveer 14 weken van de pup heel specifiek "train". In deze periode koppel ik de verwijzing los van het zoeken.(natuurlijk in het perspectief van het pup zijn!) De jutoefening wordt meestal in de training een paar keer uitgevoerd. Ik probeer op een speelse manier een verwijzing van een liggende persoon aan te leren, welke telkens weer wordt herhaald. In de oefening zit de verwijzing verwerkt plus het lossen en de buitdeling. Gedurende de opbouw en het ouder worden van de pup, wordt de verwijzing steeds verder uitgebouwd en herhaald en geperfectioneerd in de mate dat het mogelijk is. Mijn ervaring is, dat als dat in deze periode goed uitgevoerd wordt, het als ware opgeslagen wordt op z'n "harde schijf".
Door op deze manier de verwijzing aan te leren, wordt het aantal verwijzingen per training vele malen groter, omdat daar puur het accent op ligt. (herhalen, herhalen..) Natuurlijk lijkt het éénvoudig maar dat is het niet, want de pup moet het super leuk blijven vinden en je moet alle signalen van de pup in de gaten houden en daar op inspelen. (Het komt een beetje aan op het zgn."fingerspitzengefuhl")
Bij het trainen op de oude manier gebeurd het regelmatig dat je gedurende de gehele reddingshondenopleiding aan de verwijzing loopt te sleutelen. Bij de "Sam-methode" is de ervaring dat de verwijzing bij het slachtoffer altijd goed blijft, alsof het ingeprent is. Bovenstaande wil niet zeggen dat de jutoefening niet meer gebruikt wordt, want het blijft een goede motivatie oefening om aan het begin van de training de hond even bij de les te krijgen.
Naast de "Sam-methode" gebruik ik voor het puin een jutverstek en voor de vlakte/bos-training gebruik ik ook de oude jutoefening voor de pup, maar uitsluitend als "jachtdrift" om het verkrijgen van de uiteindelijke buit. (dus zonder verwijzing) Op een later punt in de opleiding koppel ik de twee afzonderlijke getrainde elementen. Daarbij geldt voor het puin, dat het uiteindelijk dichtbouwen van het verstek (even heel simpel gesteld) in een opbouwende trainingsopbouw uiteindelijk een sterke verwijzing (plus indringen) gaat opleveren in combinatie met de aangeleerde verwijzing.
Abonneren op:
Posts (Atom)